FOCUS OP BETAALDE ARBEID OF JUIST OP WELZIJN?


In de jaren zeventig was de trend dat betaalde arbeid niet meer zo centraal moest staan en dat welzijn meer aandacht verdiende. De verschillen tussen betaalde en onbetaalde arbeid, ent tussen werkenden en werklozen waren niet meer moreel te verdedigen, dachten cultuurcritici. Een focus op betaalde arbeid, ging voorbij aan wat de mens eigen was, vond professor J.P. Kuiper van de Vrije Universiteit. Hij werkte in 1975 een voorstel uit voor een basisinkomen.

Volgens J.P. Kuiper ging het om ‘je authentieke levensgeschiedenis’ en je ‘persoonlijke menswording’. Zolang je dat nastreefde maakte het niet uit of je je tijd besteedde aan slapen, reizen, eten bankwerken, weven, vrijen of inkopen doen.

Werklust, maar met mate. Een goede balans tussen werk en privé. Verantwoordelijkheidsbesef en levensvreugde. Misschien zijn Nederlanders er vanaf de jaren negentig in geslaagd om het arbeidsethos van de jaren vijftig te combineren met de nadruk op de gehele mens uit de jaren zeventig. Zo werden ze één van de gelukkigste volken ter wereld en hadden ze minder stress over hun werk dan andere Europeanen.

Onze arbeidsethos is sinds 1945 niet wezenlijk veranderd. Het Nederlandse waardenstelsel omtrent werk is overeind gebleven; als bron van welvaart, als bewijs van maatschappelijke verantwoordelijkheid, als uiting van je eigen uniek identiteit.

Nederlanders zijn niet werkschuw, maar opgewekte mensen die graag hun werk doen. Ze willen waarde toevoegen en een bijdrage leveren aan de maatschappij. Ze houden van een goede werksfeer, van zo nu en dan een praatje en koesteren de pauzes rond de koffiemachine. Meer dan andere Europeanen vinden Nederlanders de sociale dimensie van het werk belangrijk; vrijwel alle Nederlanders waarderen ‘prettige mensen om mee te werken’ als belangrijk element van het werk zonder al te veel hiërarchie en het gevoel dat je samen de klus moet klaren (*1).


Hoe kan het dan toch dat we steeds vaker te maken krijgen met burn-outs die we eerder veel minder hoorden. Willen we teveel, of willen we teveel tegelijk. Betreft het stress over het werk, collega’s of wellicht ook over stress in privé-situaties.


Onderwijsmensen hebben in 9 van de 10 gevallen een passie voor ontwikkelen en zijn in grote mate begaan bij het welzijn van de leerlingen. Ze willen het graag goed doen en tot het uiterste gaan om het kind te helpen in zijn ontwikkeling. In een flink aantal gevallen willen ze zelfs meer doen dan in feite binnen hun macht ligt en niet de minste leerkracht gaat daar meermaals over zijn eigen grenzen heen.


In het onderwijs waar over het algemeen de focus op het ‘welzijn’ van de leerlingen ligt, wordt 80% van de burn-outs, veroorzaakt door agressieve ouders en niet door de werkdruk *2.


-Hoe vaak heb jij een afspraak met een ouder gemaakt terwijl je daar helemaal geen tijd voor had?

-Hoe vaak heb jij toegezegd iets uit te gaan zoeken terwijl je er eigenlijk van overtuigd was dat je alles al geprobeerd had?

-Hoe vaak heb jij die onbeleefde ouder te woord gestaan?

-Hoe blij wordt jij hiervan?

-Hou lang houd jij dit nog vol?


Ik ben heel erg benieuwd naar jouw ervaringen? Stuur me een DM om te sparren of gewoon even je verhaal kwijt te kunnen.


De podcast is te beluisteren via onderstaande link en is ook een aanrader als je in een andere sector dan het onderwijs werkt.


1* bron: James Kennedy (1963) hoogleraar Nederlandse geschiedenis.

2* bron: podcast spotify ‘Uitgescholden op het werk.' over leiderschap, inzetbaarheid, inclusie, ontwikkelen, werkgeluk en change.


https://open.spotify.com/episode/73jcppQuC1poozOw22pIMn?si=5e388c9393c746b9&fbclid=IwAR19_hn4t2UD0-3wb66Ji-Il62ZSqCcF2wSSzgrBBKUnwoC1S8DZos8DLbE&nd=1




9 weergaven0 opmerkingen

Recente blogposts

Alles weergeven